|
Hieronder de tekst van het interview met 2 medewerkers opleidingen Gelre ziekenhuizen (Artikel Gelrevue - augustus 2007)
Meer oog voor klinische blik, zelfreflectie en zelfsturing: Vernieuwde opleiding zet in op vakbekwaamheid

Met vakbekwaamheid als hoogste prioriteit is Gelre ziekenhuizen in september 2007 gestart met een vernieuwde opleiding voor HBO-verpleegkundigen. Eenzelfde vernieuwing is voor instromende MBO-leerlingen in februari 2007 al doorgevoerd. Doel van de nieuwe opleidingen is om middels competentiegericht leren een einde te maken aan het gebrek aan kritische zelfreflectie, klinische blik en zelfsturing bij kersverse verpleegkundigen en zo bij te dragen aan verbeterde patiëntenzorg.
Voorbeelden zijn er te over. De jonge student die aan het bed misschien wel weet hóe de patiënt te benaderen, maar vervolgens de verwachting niet waar kan maken. “Vooral die klinische blik en kritische zelfreflectie missen wij”, stelt Jettie Tolman, als opleidingsadviseur nauw betrokken bij de MBO-verpleegkundigen. “Waarom doe je iets, wat zie je en wat doe je met die gegevens? Kortweg het observeren en analyseren.”
Was een dergelijke houding voor de oudere garde verpleegkundigen gemeengoed, de jongere generatie lijkt minder kritisch. Met alle gevolgen van dien, weet Tolmans collega Pauline Berendsen die de HBO-studenten onder haar hoede heeft. “Denk aan de student die sondevoeding geeft aan een patiënt, maar niet weet waarom. Dus ook niet wat de risico’s zijn en de mogelijke complicaties die kunnen optreden. Of neem de student die een oudere patiënt vertelt dat hij prikt om te zien of er misschien sprake is van ouderdomsdiabetes, terwijl alleen gekeken wordt naar een mogelijke verstoorde bloedsuiker als gevolg van een ontsteking aan de alvleesklier bij die patiënt.”
“Het gaat erom dat je bewust kijkt: wat zie je en wat doe je dan”, vult Jettie aan. “Dus als een patiënt ineens onwel wordt, dan moet je weten wat je moet doen!” Pauline: “Die ontwikkeling van een klinische blik is zeer belangrijk.”
School en praktijk
Deze scheefgroei tussen hetgeen de verpleegkundige in spe leert op school en wat van hem of haar in de praktijk wordt verwacht, is – niet alleen in Gelre – steeds nadrukkelijker aan het licht gekomen met de invoering van het nieuwe onderwijssysteem in 1997. Sindsdien worden de studenten niet meer voor één specialisme opgeleid (psychiatrie, zwakzinnigenzorg of het algemene ziekenhuis), maar ‘zorgbreed’. Aanvankelijk startten alle partijen vol enthousiasme, maar een klein decennium later is iedereen het erover eens dat het anders moet.
Voor de vernieuwde opleidingen is dan ook nauw samengewerkt met het ROC Aventus en Saxion Hogescholen. In 2008 is de Christelijke Hogeschool Ede daarbij gekomen. Zodoende kon meteen de afstemming tussen school en praktijk beter worden geregeld. Die afstemming is een van de wezenlijke veranderingen in de vernieuwde opleidingen.
Hadden studenten in het verleden nog reflectiegesprekken met de opleider in Gelre en afzonderlijk met de docent op school, tegenwoordig is dat gecombineerd. Tevens weegt de beoordeling die de verpleegkundige in de praktijk krijgt, straks veel zwaarder mee in de eindbeoordeling.
“Tot nu toe konden verpleegkundigen in opleiding door hun kennis van de computer en informatiebronnen als het inter- en intranet vaak toch goed scoren, terwijl zij in de praktijk tegenvielen. Met ‘knippen en plakken’ maakten zij de mooiste werkstukken, maar het echt snappen? Daar komt meer bij kijken”, vertelt Pauline.
Vandaar dat ook in beide vernieuwde opleidingen zogenaamde proeven van bekwaamheid zijn opgenomen. HBO-verpleegkundigen leren middels Action Learning, oftewel met zelf ingebrachte casussen uit de praktijk, wat er echt toe doet. Ook aan het ontbreken van een voorbeeldgedrag voor HBO’ers is gedacht in de nieuwe opzet. Doordat zij in de praktijk aan een verpleegkundige werden gekoppeld, deden zij vaak hetzelfde werk als een MBO’er. De elf HBO’ers die in september beginnen, krijgen een zorgcoördinator als coach, zodat zij behalve de drie rollen van een MBO’er (zorgverlener, coach en beroepsbeoefenaar) ook de twee typische HBO-rollen kunnen gaan uitoefenen: die van ontwerper en regisseur. “Zij gaan dus ook kijken hoe de zorgvraag en -verlening beter op elkaar kan worden afgestemd en vervolgens hier de regie in voeren”, verduidelijkt Pauline.
Zelfsturing
De basis voor het gehele traject wordt het werkplan dat elke MBO’er en HBO’er aan het begin zelf moet schrijven. “Dat stukje zelfsturing blijkt voor velen een hele lastige klus”, merkt Jettie. “Daarin draait het weer om competentiegericht leren en dus vragen stellen: wat moet ik kunnen, hoe wil ik dat leren, wat heb ik daar voor nodig? Wij merken wel dat de nieuwe studenten er nu beter in slagen dankzij de kritische zelfreflectie die wij groepsgewijs met hen doen.”
Los van dit alles is ook de mentaliteit een belangrijke, maar moeilijk te sturen factor. Duidelijk is dat de huidige schoolverlater duidelijk verschilt van eerdere generaties. Grootgebracht met de computer, is de digitale wereld voor hem geen probleem. “Maar daarmee is ook de motivatie veranderd”, vindt Pauline. “Ze zijn gewend aan snel en blingbling en hebben naast hun studie nog van alles te doen. Afspraken nakomen schiet er dan regelmatig bij in”, schetst Pauline. “Maar dat lag ook aan ons. Als zij in de eerste week, tegen de afspraken in, nog niet met een werkplan kwamen, hadden wij de neiging hen nog maar een weekje extra te geven. Dat is nu voorbij. Wij sturen ze naar huis en ze komen terug als het werkplan klaar is.”
Op het eerste oog lijkt de aankomende verpleegkundige zo harder aan de slag te moeten in het nieuwe onderwijssysteem. Volgens Jettie valt dat wel mee. “Het kost niet meer tijd, het is een andere manier van denken. Ze krijgen nu niet meer voorgekauwd wat ze moeten weten, maar moeten dat zelf onderzoeken en ontdekken. De proeven van bekwaamheid zijn daarin richtinggevend en daarbij kunnen de ervaren verpleegkundigen ook een belangrijke rol spelen, door gewoonweg te vertellen wat zij tegenkomen in de praktijk.”
“Door deze methode van vraagsturing leren de verpleegkundigen bovendien veel beter alert te zijn op nieuwe ontwikkelingen en hoe daarmee om te gaan”, vult Pauline aan. “De studenten zelf zien het ook helemaal zitten. Twee jaar lang krijgen zij de kans zich te bewijzen tijdens drie stages van acht maanden binnen Gelre ziekenhuizen. Met het accent op verantwoordelijkheid ervaren en ruimte om jezelf te ontwikkelen, is dat volgens hen dé manier om je helemaal klaar te stomen voor de echte praktijk.” |